Bovenlanders, gastarbeiders uit Duitsland

Al vanaf 1600 trokken jaarlijks seizoenarbeiders vanuit Duitsland naar Nederland. Nederland was destijds zeer succesvol in bijvoorbeeld de scheepvaart (V.O.C. en de walvisvaart) en dat trok gelukszoekers aan. Daarbij kwam de armoede in vooral de regio’s rond Osnabrück en Hannover, door de dertigjarige oorlog (1618-1648) en het veranderde erfstelsel dat ervoor zorgde dat kleinere erfdelen van landbouwgronden vervielen. Hierdoor trokken steeds meer mannen vanaf eind maart naar Nederland, om te werken als maaier of hooier op boerderijen, of in het veen. Eind augustus gingen ze dan weer terug naar hun vaderland. Duitsland was niet het aaneengesloten land dat het nu is, het was een lappendeken van bisdommen, hertogdommen en koninkrijkjes.

In Vinkeveen en omstreken kwamen jaarlijks grote groepen Duitsers om in het veen te werken en om gras te maaien. Met dat maaien moest voor 24 juni gestart worden omdat gras dan het hoogste punt heeft bereikt en daarna zaad gaat zetten en dat is slecht voor de kwaliteit van het latere hooi als veevoer. Dat maaien werd gedaan met een zeis, waarbij de maaiers zij aan zij een veld maaiden. 24 juni is de feestdag van Sint Jan, en van daaruit werden de maaiers ook wel Hannekemaaiers genoemd.

De tocht vanuit Duitsland werd te voet afgelegd, men liep meestal in groepen. Bij Lingen, waar men de brug over de Eems nam, werden in 1845 32.000 mensen geteld die op weg waren naar Nederland. In bepaalde gebieden in Duitsland was ‘s zomers de helft van de mannen in Nederland aan het werk.

In Vinkeveen en Abcoude kwamen veel Duitsers vanuit het dorp Merzen. Ongetwijfeld werd dat van mond tot mond doorgegeven. ”Ik heb er goed gewerkt (verdiend) en ze kunnen meer mensen gebruiken, ga je volgend jaar mee?” De Duitsers stonden bekend als harde, betrouwbare werkers en als het werk goed was, werd er vast afgesproken voor het volgende jaar. In het jaar 1811 waren in Mijdrecht bijvoorbeeld onder de duizend veenarbeiders vierhonderd Hollandgänger.

Zo moet het drie kinderen van Johann Heinrich Kodde ook vergaan zijn. Zijn achternaam wordt vermeld als Elsenberg, genaamd colon Kodde. Dat ‘colon’ is een verwijzing naar zijn afkomst, is mij verteld, maar ik blijf het vreemd vinden. Zijn vrouw, Maria Catharina, wordt soms Kodde en soms Elsenberg genoemd. De kinderen dragen wel alleen de naam Kodde. Wat ik me eigenlijk nu pas realiseer, is dat dit echtpaar waarschijnlijk nooit in Nederland is geweest, eerder ging ik daar wel van uit. Hun namen worden alleen vermeld in de trouw- en overlijdensaktes van hun kinderen. Johann Heinrich dus. Hij en zijn vrouw hebben onder andere drie kinderen, een zoon, Theodorus Dirk (Dierk) die geboren is in 1800 in Fürstenau in het koninkrijk Hannover en twee dochters, Maria Catharina (1811) en Maria Anna (1815), beiden geboren in Merzen, vijftien kilometer van Fürstenau. Dit dorp ligt zo’n veertig kilometer ten oosten van Coevorden en alledrie de kinderen vonden hun toekomst in Vinkeveen. Wellicht is de zoon als eerste een aantal zomers in Nederland gaan werken en heeft later zijn zussen enthousiast gemaakt voor de reis naar Nederland.

Theodorus Dirk is getrouwd met Anna Maria Geertruida Schuurman, ik kan niet terugvinden of hij in Nederland met haar is getrouwd, dus vermoedelijk is dat in Duitsland geweest. Haar naam wordt ook geschreven als Gerderood of Gerdroed, en vooral die laatste variant heeft een wat Duitse klank. Maar aangezien alles destijds fonetisch ging, kan het ook het Duitse accent van Dierk geweest zijn. Dierk zal ook de Duits-klinkende Nederlandse (bij)naam van Theodorus Dirk geweest zijn. Over Schuurman heb ik nagedacht. Wellicht was dat Schuhmann of een variant daarvan. In ieder geval, in 1836 kregen ze een dochter die in Vinkeveen geboren werd, Maria Elizabeth.

Dierk heeft dan dus een gezin in Nederland. Ook zijn zussen wonen in Vinkeveen. Maria Catharina is in 1834, ze was 23 jaar, in Vinkeveen getrouwd met Johann Dirk Gruter, ook een Hollandgänger. Na zijn overlijden in 1843 trouwt ze in 1848 met Johann Heinrich Klinkham(m)er, tevens van oorsprong een Duitser. De andere zus, Maria Anna, trouwt ook twee keer, eerst met een Vosseberg en later met een Steffens, zo op het gehoor Nederlandse namen, maar dat is dus bedrieglijk, het kan net zo goed vernederlandst zijn.

Terug naar Dierk. Met zijn eerste vrouw krijgt hij zeven kinderen in ruim twaalf jaar. Twee overlijden er jong. Ook zijn vrouw overlijdt op 21 juli 1849 op de leeftijd van 40 jaar, vijf maanden na de geboorte van de jongste dochter, Maria Louiza, die in maart 1850, dertien maanden oud, ook overlijdt. Op 10 mei 1850, dus binnen tien maanden na het overlijden van zijn eerste vrouw, trouwt Dierk opnieuw, nu met de 34-jarige weduwe Alida van der Weerd. Alida heeft van haar drie kinderen nog één levend kind over, de dan 5-jarige Johannes Ribbens. Dierk is al vijftig jaar, Alida is vijftien jaar jonger. Ze krijgen nog vier kinderen samen, een dochter en zoon die blijven leven, een levenloos geboren jongetje, een dochter die slechts 17 jaar wordt, Maria Geertruida. De zoon, Theodorus Hendrikus, is mijn voorvader.

Het overlijden van zijn 17-jarige dochter Maria Geertruida maakt hij niet meer mee, Dierk overlijdt op 1 januari 1868. Alida wordt 75 jaar oud en overlijdt op 3 augustus 1891.

Wat me eerder nooit was opgevallen, was de naam van de eerste vrouw van Dierk, Anna Maria Geertruida (of Gerderood of Gerdroed). ‘Anna’ staat er niet altijd bij, vaak is het alleen Maria Geertruida. Dit is immers de naam van mijn overgrootmoeder die ik aan de hand van de normale vernoemingsregels niet kon verklaren. Alleen is (Anna) Maria Gerderood niet de oma van Anna Maria Geertruida, maar de eerste vrouw van haar opa! Dierk had met zijn tweede vrouw ook dochter Maria Geertruida gekregen, die overleed toen ze zeventien was. Wellicht is deze Maria Geertruida ook al vernoemd naar de jong overleden eerste vrouw van Dierk. En is mijn overgrootmoeder vernoemd naar deze jong overleden tante en naar haar eigen moeder, die Anna heette.

En zo komt de Duitse lijn in mijn stamboom. Mijn vader wist nog te vertellen dat zijn oma, Anna Maria Geertruida Kodde dus, een Duitse vrouw was. Dat verhaal is kennelijk blijven hangen, terwijl zij in 1921 al is overleden op 35-jarige leeftijd. Zij werd nog steeds als ‘Duits’ bestempeld terwijl haar vader ook al gewoon in Vinkeveen geboren was!

(Visited 118 times, 1 visits today)

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *