Ooievaars

In mijn jeugd, in ben van 1971, dus dan heb ik het over de jaren tachtig, waren de ooievaars bijna uitgestorven. Er waren slechts enkele broedparen in het hele land, dus eigenlijk zag je de vogels nooit in het echt. Een ooievaar, dat was een bijzonderheid.

De laatste jaren is daarin behoorlijk wat veranderd! Goed nieuws dus voor de ooievaar, en voor ons, want het blijft een prachtig gezicht, die grote, statige vogels. In mijn omgeving ken ik diverse nesten waar ze broeden en regelmatig zie ik in verschillende weilanden tussen de zes tot soms wel vijftien vogels bij elkaar! Het blijft een prachtig gezicht. Ik wilde me eens een beetje verdiepen in de ooievaar.

De ooievaar werd in de periode na de Tweede Wereldoorlog het slachtoffer van landbouwgif en bejaging, vooral in Frankrijk, waardoor er in de jaren zeventig een dieptepunt werd bereikt in hun aantallen in heel West-Europa. In 1969 werd er in Nederland gestart met een herintroductieprogramma. Er werd een ooievaarfokprogramma gestart in Groot-Ammers, de jongen werden uitgezet via twaalf buitenstations. Ook werd het gebruik van pesticiden aan banden gelegd waardoor hun biotoop zich kon herstellen. Sinds 2003 zijn de aantallen ooievaars weer op het niveau van voor de oorlog.

Ooievaars wegen tussen de 2,3 en 4,4 kilo. Mannetjes en vrouwtjes zien er hetzelfde uit, het mannetje is alleen iets groter. Een ooievaar wordt ongeveer 100 tot 120 cm lang, van bek tot het puntje van de staart. Hun spanwijdte is 155 tot 165 cm. Ooievaars zijn niet per se trouw aan elkaar, maar wel aan hun nest. Ze maken graag gebruik van door de mens gebouwde nesten, hoog op een paal, maar ze maken ook wel zelf nesten. Het vrouwtje legt meestal zo’n vier eieren en beide ooievaars broeden die in 33-34 dagen uit. De jongen worden tussen de 58 en 64 dagen door hun ouders op het nest gevoederd, waarbij altijd één van de ouders op het nest blijft. Altijd. Ook als één van de ouders verongelukt en niet terugkeert, dan zal de andere ouder met de jongen op het nest blijven wachten en dus verhongeren. Als de jongen het nest verlaten hebben, worden ze nog 7 tot 20 dagen door de ouders gevoerd. Een ooievaar eet regenwormen en grote insecten, maar ook wel jonge vogels, hagedissen, mollen, kikkers en knaagdieren.

Ik weet nog dat er een ooievaarsnest werd geplaatst bij Eemnes en dat die binnen de kortste keren bewoond was door een paartje ooievaars. Je kan ze mooi zien als je de A27 bij de afrit Huizen afrijdt. Ook is er een paartje middenin ’s-Graveland, altijd bijzonder als ik naar mijn werk rijd, ik kijk altijd even naar het nest. Één keer vloog een ooievaar naast mijn auto mee, bijzonder. En ik heb ze dus meermalen met redelijk grote groepen in weilanden gezien. Ik las dat deze zomer veel broedsels mislukt zijn door de kou en de regen, waardoor de volwassen ooievaars ineens hun ‘handen’ vrij hebben en wat rond gaan zwerven, ze trekken dan graag samen op.

De ooievaar is een trekvogel, ze overwinteren in west-Afrika. Ze vliegen veel op thermiek waardoor ze niet dwars over de Middellandse Zee kunnen vliegen, en dus vliegen ze via Gibraltar. Dit is de route die de ooievaars die in Nederland verblijven, volgen. Vroeger volgden ze ook wel de route via de Bosporus en verbleven dan in oost-Afrika, tot aan Zuid-Afrika aan toe. Toch overwintert zo’n 30% van de ooievaars in ons land, dit zijn vaak de wat oudere ooievaars en vooral in zachte winters, ze blijven dan in de buurt van hun broedplek, want daar weten ze de voedselplekken. Ze zijn dan ook nog vaak te vinden bij de voormalige ooievaarsstations, of zelfs in dierentuinen, maar ook bij milieustraten.

Jongere mensen zullen ze wellicht minder bijzonder vinden, maar als je bent opgegroeid in een tijd waarin ze bijna waren uitgestorven, blijft het een bijzonder gezicht. Alhoewel ik ook de reiger altijd nog bijzonder vindt. Daarover misschien een volgende keer.

(Visited 119 times, 1 visits today)

Eén reactie

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *